Roelf Dijkhuizen: vissen in Gieten in de jaren vijftig
Terug naar: Persoonlijke notities
(2012-09) Een
herinnering uit de vroege jaren vijftig. De jeugd van Gieten viste in de jaren
vijftig volop. Roelf Dijkhuizen herinnert zich deze gebeurtenissen bij het
Drents diep.

Vissen in Gieten in de jaren 50
Vissen in Gieten gebeurde in die jaren in het Veentje, Jonker's zandgat,
illegaal in het "gat van Prummel" op de Jonkersheide, in de Hunze (Drents Diep),
maar vooral door de jeugd in de Leiding. Laatstgenoemde plek bevond zich voorin
Gieterzandvoort, zo'n 100 meter voor de boerderij van Klaas Torenbosch.
Op een mooie zomerdag in augustus in 1958 trokken neef Roelf Dijkhuizen en
ondergetekende richting Gieterzandvoort. Naar de Leiding dus!
Om daar te komen moest je over een vrij brede sloot via twee smalle planken. Met
de fiets aan de hand was dit niet moeilijk, maar fietsend liep je het risicode
sloot in te duiken. Terwijl de schrijver van deze ware geschiedenis reeds bij de
Leiding was gearriveerd was van neef Roelf niets meer waar te nemen. Onder de
eendenkroos kwam hij even later proestend uit de sloot tevoorschijn. Samen
hebben we de fiets weer boven water gehaald, maar voor neef was de lol er af na
deze "kamikaze" actie" en trok kletsnat huiswaarts. Spoedig daarna was het
rondom de Leiding zo vol met vissers dat er op elke vierkante meter een dobber
dreef. Je had dan meer beet van een ander snoer, dan van een vissoort.
Om de drukte achter ons te laten trokken Henk Mulder, Henk Bruinsma, Thiemo
Meertens en ondergetekende met het snoer nog aan de hengel richting de Hunze. Al
fietsend ging het langs het water, totdat Henk Bruinsma het topje van zijn
hengel in de grond boorde, uit balans raakte en met sierlijke boog met fiets en
al het water in dook. Met vereende krachten werd hij uit het water gevist, even
later gevolgd door zijn fiets. Ook voor hem zat het visavontuur erop en samen
trokken we weer richting Gieterzandvoort, waar de schrijver van dit relaas
achter bleef bij de Leiding en de overige twee Henk Bruinsma naar huis
begeleidde.
Bij de Leiding viel op dat Piet Dost op zijn buik lag te vissen, deze keer niet
fluitend, maar met een larve van een waterjuffer aan het haakje. Zijn dobber
dreef door een "til" en regelmatig sloeg hij op deze manier een voorn aan de
haak. Reinder Engelsman (Pengel) met een busje zelfgevangen rode pieren van een
mestbult van zijn oom Geert uit de Ambachtsstraat in zijn pluchen tassie bij
zich, zat samen met Roelof Vedder aan de overkant van de Leiding en vooral
Reinder leek de manier van vissen van Piet ook wel wat en installeerde zich ook
boven een "til".
Om de dobber zo goed mogelijk te volgen moest je wel zover mogelijk voorover
liggen en op zeker moment was ook Reinder verdwenen. Ook hij toog voortijdig
drijfnat naar huis.
Omdat de middag nog niet voorbij was, bleven Roelof Vedder en ik nog even vissen
met aan het haakje een dood visje. Intussen brak een
gigantische stortbui los en onder een jas gedoken tuurden we naar de dobber, die
door het hoog opspattende water bijna onzichtbaar was geworden. Dat de dobber
plotseling verdween ontging ons bijna, maar door het enigszins kolkende water
bleek dat we wel degelijk beet hadden. Na een "gevecht" van wel 10 minuten lag
er een snoek van 70 centimeter op het droge. Na de stortbui trokken wij ook
richting Gieten. Doornat dus! Net als een paar lotgenoten deze middag.
Roelf Dijkhuizen, augustus 2012
Terug naar: Persoonlijke notities











